Iets met touwladders en sterke koffie

Ik lees in de Happinez het artikel van Geert Kimpen. Over de pelgrimsreis. De reis naar binnen. En de 9 stappen die deze reis bevat. Van voorbereiden tot veranderen. Met daar tussenin alle avonturen, moeilijkheden en magie van dien. Ik lees het hardop voor en voel de tranen in mijn ogen opwellen. Een pelgrimsreis. Dat is wat ik gedaan heb. Een reis naar mezelf.

Leap of faith
Ik voelde – precies zoals Geert het beschrijft – dat mijn leven niet meer klopte. Dat ik maar één ding kon doen: luisteren naar de diepste roep van mijn ziel. En zo nam ik een sprong in het diepe. Vol vertrouwen. En dat was maar goed ook. Want het bleek heel diep te zijn. Dat water. Met tal van prachtige vissen, waarvan ik mocht genieten, maar ook met heel veel haaien die de aanval inzetten. De aanval op mijn ego. De aanval op mijn overtuigingen. Op de boxen waarin ik vastzat. Ik kon niet anders dan het aangaan. Er was geen ontwijken aan. En toch, toch vocht ik hard. Sommige van mijn overtuigingen zaten muurvast en wilden van geen wijken weten. In het pikdonker op de farm had ik geen angst. De angst zat in mezelf. De angst om mijn eigen demonen recht in de ogen te kijken.

Door de hele situatie raakte ik verslaafd. Verslaafd aan de liefde. Aan de liefde van een man die 300km verderop woonde. Hoe minder hij reageerde, hoe verslaafder ik werd. Ik wilde me zo graag met deze man verbinden. Want daarvoor was ik per slot van rekening naar Zuid-Afrika verhuisd. Wat ik me niet realiseerde, was dat ik niet op zoek was naar de verbinding met deze prachtige man, maar naar de verbinding met mijzelf. Met de stem van mijn ziel. Ik zocht het buiten mezelf maar had zelfs dat niet in de gaten.

Het was doodstil. Daar op de farm. Maar in mijn hoofd was het een drukte van jewelste. De diverse stemmen schreeuwden om het hoogste woord. “Je kan hier toch niet zomaar niets gaan zitten doen!”, zei het Schuldgevoel. “Ja, maar als ik niet weet waar ik heen moet, wat doe ik dan? Bezig zijn om het bezig zijn, is niet waarvoor ik hier ben!”, zei de Verlamming. “Dus wat moet ik nou doen?” vroeg de Wanhoop.

Er moest iets veranderen. Het ging niet meer. Ik werd er letterlijk ziek van. Ik voelde me verloren. Ik had zo duidelijk gevoeld dat ik naar Zuid-Afrika te gaan had. En daar zat ik dan. Op de farm. In the middle of nowhere. Moederziel alleen. In een flits zocht ik naar een ticket naar Nederland. Dat duurde 10 minuten. Ik wist dat ik nog niet klaar was hier. Mijn reis was nog niet voltooid. Ik had nog niet gevonden wat ik zocht. Maar ik kon hier ook niet blijven. Dat was me helder.

Strohalmen en touwladders
Ik boekte een ticket naar India. Ik zou daar mijn interviews over JOY voortzetten. Ik had daar ingangen en dan zou het heus goed komen. Het was een strohalm. Een manier om in beweging te komen. De vertrekdatum kwam dichterbij, maar ik voelde niet de voor mij zo bekende opwinding van een aanstaand avontuur. Er was niets. Een leegte. Dat was wat er was. Een diepe leegte.

Geert schrijft het mooi in zijn artikel bij stap 5 op de reis: “Ontmoetingen zijn de touwladders uit de hemel om op te klimmen naar nieuwe inzichten.” Mijn touwladder kwam in de vorm van een dierbare vriend. Een tijdelijke liefde. Een man die mijn droom deelde om ‘deep, dark Africa’ in te gaan. Met een oude Landrover. Tien dagen voor mijn geplande vertrekdatum keken we elkaar aan. We voelden beiden dat we meer tijd met elkaar wilden doorbrengen. Het was niet echt eens een kwestie van ‘willen’, maar bijna van ‘moeten’.

We sliepen er beiden één nachtje over en besloten het avontuur aan te gaan. We hadden nog 10 dagen de tijd om alles te regelen. Een geweldig bewijs dat als je echt iets wilt, je het heel snel kunt organiseren. In drie dagen tijd vonden we de perfecte auto: een oude Landrover Defender zonder technische snufjes. Met tent op het dak. En een op maat gemaakte tafel ;-).

Ons avontuur duurde 7 weken. Zeven ongelooflijk bijzondere weken. Vol processen. Uitdagingen. Wilde dieren. Hitte. Lachbuien. Heel veel (bruine) bonen. Sterke koffie. Talloze bandenchecks. Reparaties. En heel veel liefde en wijsheid.

Want dat was wat we beiden nodig hadden. Liefde en wijsheid. Uren reden we door de uitgestrekte landschappen. Deelden we onze verhalen met elkaar. Genoten we van de stilte. Was er ruimte om te reflecteren. Om vooruit te kijken. Om te huilen. Om te lachen. Om serieus te zijn. En het nergens over te hebben. Ik kwam weer bij mezelf thuis. En hij bij zijn thuis.

Inmiddels is deze mysterieuze engel terug naar Engeland. Dat dat de bedoeling was, was heel duidelijk. Maar we konden beiden alleen terug omdat wij deze reis met elkaar hadden gemaakt. Voor het eerst in twee jaar keek ik uit naar mijn verblijf in Nederland. Om het laatste stukje van mijn pelgrimsreis te maken.

Geert schrijft: “Je vergeet nooit de engelen die je precies dát gaven wat je op dat moment nodig had.” En ik ben prachtige engelen tegengekomen. Wat ben ik een dankbaar mens. Dankbaar voor alle levenslessen die ik tijdens deze pelgrimsreis mocht leren. Het ontdekken van nieuwe facetten van mezelf. Het loslaten van oude overtuigingen. Ik voel me herboren. En bijna klaar voor een nieuw avontuur.

Hoe het leven zich nu verder ontvouwt? Geen idee! Ik weet in elk geval dat ik ongelooflijk verrijkt ben. En de stem van mijn ziel weer kan horen.

Liefs, Sandra

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s